Een goede match tussen business idee en investeerder
Een investeerder is bereid om in jouw businessidee te investeren omdat hij of zij een hoger rendement wil en dus meer risico kan en wil nemen. Dat neemt niet weg dat in het eisenpakket de nodige maatregelen zullen zitten om het risico zoveel mogelijk te beperken. Een aantal daarvan staan opgesomd op deze pagina.
De truc is nu om zo lang mogelijk te wachten met het in huis halen van een investeerder en in de tussentijd het risico zoveel mogelijk te beperken. Werk zolang mogelijk zelf aan het idee. Laat bijvoorbeeld al een zogenaamde "proof of concept" studie zien dat je idee werkt. Of maak een werkend prototype. Nog beter is het om al te laten zien dat je op basis van het idee geld kunt verdienen door in een bepaalde regio het product in de markt te zetten (cash flow te genereren). Op deze wijze is aantoonbaar het risico voor een investeerder (en niet in de laatste plaats ook voor jezelf!!) een stuk minder geworden. Op dat moment zal de investeerder ook met minder rendement (aandelen) genoegen moeten nemen. In de praktijk werkt dit vaak ook al zo omdat een investeerder dan vriendelijk aangeeft: "kom maar eens terug als je kunt laten zien dat het werkt". In een heel vroeg stadium zijn investeerders vaak niet geïnteresseerd omdat het risico voor hen nog te hoog is. Het probleem dat er voor een briljant idee niet voldoende geld beschikbaar is om het verder te brengen vanwege het risico wordt ook wel de "innovation gap" of de "valley of death" genoemd. Dit is de reden dat er prachtige technologie bij de universiteiten op de plan blijft liggen en vele goede ideeën van uitvinders niet verder komen dan een eerste proefopstelling op een werkbank.
Subsidies
Maar je ging natuurlijk niet voor niets langs een investeerder: je hebt immers geld nodig om je idee vorm te geven. Een vaak toegepaste strategie is dan om in eerste instantie subsidies aan te vragen. Dit wordt ook wel "gratis geld" genoemd omdat het, bij normale toepassing, niet hoeft te worden terugbetaald. Dat is met een lening natuurlijk wel zo. Met behulp van de verworven subsidies kun je een begin maken met het vormgeven van je idee waarbij het doel is om zo snel mogelijk onzekerheden (risico's) te elimineren door cruciale proeven of tests te doen. Bedenk dat je bij elke stap die je doet richting een werkend en verkoopbaar product het idee door jouw toedoen in waarde is toegenomen. Wanneer dan een partij mee wil doen en wil investeren in je idee kun je met recht een groter deel van de koek voor jezelf eisen en is er minder voor de geïnteresseerde partij.
Innovatiekredieten
Meestal is het niet toegestaan om voor hetzelfde project meerdere subsidies aan te vragen. Dit wordt stapelen genoemd. Het is immers belastinggeld en daar moet "sober en doelmatig" mee worden omgesprongen. De volgende stap die je daarom kunt nemen is het verwerven van speciale innovatiekredieten van bijvoorbeeld de regionale ontwikkelingsmaatschappijen of van SenternNovem. Dit zijn, door de overheid in het leven geroepen, organisaties die financiële middelen tot hun beschikking hebben om de ontwikkeling van innovatieve producten te stimuleren middels het verlenen van kredieten voor het bedrijfsleven. De gedachtegang hierachter is het volgende: in het eerste deel van je ontwikkeling is het risico zo hoog dat niemand er in wil investeren. Alleen de overheid met subsidie. Als je het idee wat verder hebt gebracht en een aantal onzekerheden hebt weggewerkt is er enige waarde gecreëerd, de markt is wat dichterbij gekomen en dus is er rentedragend geld beschikbaar (nog wel van de overheid, dat wel). Al dit soort van maatregelen zijn bedoeld om van Nederland een innovatieve, concurrerende economie te maken en het ontstaan van nieuwe bedrijven en werkgelegenheid te stimuleren.
Kredieten mogen worden gecombineerd met subsidies maar een over een krediet wordt dus wel rente berekend. Wel is het zo dat de verstrekkende organisaties vaak mildere voorwaarden hanteren dan de particuliere investeringsmaatschappijen. Dit is althans de bedoeling, deze organisaties hebben de functie om innovatie te stimuleren en zouden zich milder moeten opstellen dan een patij die zijn geld gewoon in de markt moet verdienen zoals een bank. In de praktijk kan dat echter behoorlijk tegenvallen. In ieder geval wordt er ook (terecht) streng gekeken naar bijvoorbeeld je ondernemerskwaliteiten en de kwaliteit van je ontwikkelingplan want ook hier geld: hoe houden we het risico zo laag mogelijk. De betrokken ambtenaren worden immers ook afgerekend op het succes van de projecten waarin ze investeren en het "verdiende" geld kunnen ze dan opnieuw investeren.
Deze strenge eisen geven ook een soort van "kwaliteitslabel". Wanneer je aanklopt bij een partij voor geld helpt het als je kunt zeggen "Die partij heeft ook in het project geïnvesteerd" of "die partij wil investeren als jullie ook mee doen".